Het is donderdagmiddag. Ik sta nerveus voor de deur van een café te dralen. Binnen is de kick-off van de serie De regels van Floor. Een borrel waarbij cast en crew samenkomen om op de start van de draaiperiode te proosten.
Ik sms coscenarist en vriendin Lotte. 'Waar ben je?' Het antwoord komt vrijwel meteen. 'Nog vijf minuten!' Ik besluit buiten op haar te wachten. Zou ze andersom ook doen. We leiden namelijk aan hetzelfde trauma als het op gelegenheden met cast en crew aankomt. Het Zwemparadijs-trauma.
Zwemparadijs was mijn debuut als scenarist. Een korte film over twee jonge meisjes die een dagje naar het zwembad gaan. Lotte en ik schreven samen het script en gingen dan ook samen op setbezoek. Met de tram, de trein en twee bussen reisden we tot diep in het oosten van het land. Naar het subtropisch zwemparadijs waar ons script tot leven werd geroepen.
Onze verwachtingen van dit setbezoek waren hoog. We waren trots en voelden ons belangrijk. Zonder ons immers geen film. Het kon niet anders dan dat cast en crew uitkeken naar ons bezoek.
Giechelig nerveus liepen we het zwembad binnen. De subtropische temperatuur, opgevoerd door de grote filmlampen, deed het zweet meteen uitslaan. Worstelend met onze winterjassen en sjaals keken we om ons heen. Overal kabels, monitoren, op de vloer een lange camerarail. In het bubbelbad zaten figuranten. De regisseur gaf de hoofdactrices aanwijzingen. De gehele crew liep rond in zwemkleding. Niemand merkte ons op.
Behalve een kerel met een oranje hesje boven zijn zwembroek. De locatiemanager. "Dames," zei hij streng. Met gespreide armen leidde hij ons dwingend naar de uitgang. "Het zwembad is gesloten vandaag." Voordat we wat konden zeggen draaide hij voor onze neus de deur op slot.
Verslagen trokken we onze winterjassen weer aan. We slenterden nog wat om het zwembad heen, maar kwamen er niet meer in. In de twee bussen, de trein en de tram terug staarden we beteuterd voor ons uit.
Ik sta nog steeds voor het café als Lotte gestrest komt aanfietsen. Ze omhelst me en zucht nerveus. "Vreselijk, dit." Samen gaan we het café in. We worden warm onthaald. Onze zenuwen zijn voor niets geweest.
Die onbekende schrijvers van toen zijn we allang niet meer. Maar je kunt de schrijvers wel uit het zwemparadijs zetten, het zwemparadijs zet je niet zo makkelijk uit de schrijvers.
Deze column is gepubliceerd in de PS van het Parool van 12 sep. 2018.